ABC Gezondheid

Aminozuren

Aminozuren Proteïnen behoren samen met vetten en koolhydraten tot de drie grote groepen van voedingsstoffen. Zoals vetzuren de bouwstoffen zijn van de meeste vetten, zijn aminozuren de bouwstoffen van proteïnen. Alle organismen maken gebruik van twintig 'basis-aminozuren' voor de opbouw van alle proteïnen. Van deze twintig aminozuren heeft het menselijk lichaam minstens negen aminozuren nodig uit de voeding: dit zijn de essentiële aminozuren.

Hoewel losse aminozuren vrijwel niet van nature in de voeding voorkomen (we krijgen ze steeds via proteïnen binnen), hebben supplementen van bepaalde aminozuren soms interessante medische eigenschappen.

Enkele voorbeelden:
- Arginine: bloeddrukverlaging, hart- en vaatziekten, erectiestoornissen
- Cysteïne (als acetylcysteïne): slijmoplosser, antioxidant, ontgifting
- Lycine: angstremmend, stressverlagend
- Tryptofaan: nodig voor aanmaak van serotonine en melatonine, twee belangrijke hersenstoffen
- Tyrosine: ondersteuning van stofwisseling (weinig goede studies)
- Glutamine: ondersteuning van chemotherapie en ziekteherstel
Sommige aminozuren kun je maar beter niet apart innemen, zoals glutamaat (mononatriumglutamaat) en aspartaat (in aspartaam), omdat ze zenuwcellen te sterk activeren. Supplementen met aparte aminozuren neem je altijd onder begeleiding van een deskundige.