Nieuwsbrief ABC Gezondheid
uw e-mailadres
Privacybeleid
Schrijf u in op onze nieuwsbrief
   
Enquête
Heeft u last van urineweginfecties?
ABC GEZONDHEID - Artikels
19 april 2017
Aspecten van huidirritatie
| 19/04/2017 |
Terug Verstuur link Print pagina
lijn
Aspecten van huidirritatie Een allergische huidirritatie is in de meeste gevallen ongevaarlijk maar wel vervelend. De meeste mensen worden er vroeg of laat mee geconfronteerd. Men kan het slachtoffer van een allergische huidreactie worden na het eten van zeevruchten, vis, aardbeien, eieren of sommige melkproducten. Bij dergelijke allergische reactie zwelt de huid meestal op, ze krijgt een rode kleur en de patiënt heeft de bijna onbedwingbare neiging om de hevige jeuk te ‘beantwoorden’ door te krabben.

Mensen kunnen ook een allergische huidreactie krijgen na het toedienen van antibiotica op basis van penicilline, ontstekingswerende middelen, het gebruik van (teveel) aspirines, het inademen van pollen, het aanraken van pelsdieren of na een insectenbeet. Een allergische huidreactie verplaatst zich ook dikwijls naar andere delen van het lichaam. Een acute irritatie op de huid is het gevolg van histamine. Histamine komt in het lichaam op een aantal plaatsen voor. De meeste histamine zit in speciale blaasjes in mestcellen. Mestcellen zijn gespecialiseerde cellen die zich bevinden in weefsels die in contact staan met de buitenwereld, dus in de huid. Tussen histamine en de irriterende externe factor ontstaat er een ontstekingsreactie die de klachten veroorzaakt.

Eenvoudige tips om huidirritaties te voorkomen
Gevoelige hoofdhuid door stress en luchtvervuiling

Meer lezen:
Allergische reacties verminderen
Vlaszaadolie tegen gevoelige huid
Eczeem en huidinfecties behandelen met kokosvet

Bronnen:
Pons-Guiraud A. Dry skin in dermatology: a complex physiopathology. J Eur Acad Dermatol Venereol. 07 09;21 Suppl 2:1-4.

Neukam K, De Spirt S et al. supplementation of flaxseed oil diminishes skin sensitivity and improves skin barrier function and condition. Skin Pharmacol Physiol. 11;24:67–74

 

lijn